|
Nieuw bewijs tegen SS´er Boere
Verslag zitting 28 januari 2010
Er werd zeker wat verwacht van de pleidooien op deze procesdag tegen
SS´er Heinrich Boere voor de rechtbank in Aken, maar iedereen was
verrast dat de advocaten van de Nederlandse mede-aanklagers Detlef
Hartman en Wolfgang Heiermann nieuwe documenten en
bewijsmateriaal tegen Boere presenteerden. Een en ander plaatst de
levensloop en het karakter van Boere in een daglicht.
Heinrich Boere heeft voor de rechtbank, zo blijkt uit het bewijsmateriaal
onder andere gelogen over zijn terugkeer van het Oostfront, zijn
lidmaatschap van de NSB en zijn ideologische overtuiging. In januari
1943 meldt Boere zich als sympathisant bij de NSB aan en betaald ook
lidmaatschapscontributie, zo valt te lezen in het verhoor van Boere in
1946. In maart 1944 treedt Boere in dienst van de Germaanse SS, in
datzelfde jaar traint hij in het SS-trainingskamp Avengoor `met een
geweer´. Op eigen verzoek doet Boere vervolgens een politie-opleiding in
Schalkhaar en wordt hij bij de Landwacht ingedeeld. Boere, inmiddels
goed getraind in de omgang met wapens, krijgt bij het commando
Feldmeijer de opdracht onderduikers en hun Nederlandse helpers op te
sporen en te verraden.
In het verhoor van 1946 zegt hij daarover: "Ik kreeg de opdracht om in
Maastricht naar de commandant van de Landwacht H. Puts te gaan. Daar
was ook Lebbink bij aanwezig. We moesten ons vervolgens bij de SD´er
Ströbel melden. Daar ontmoetten we Rosenboom. Onze opdracht was om
naar Helden Panningen te gaan om uit te zoeken waar onderduikers
zouden zitten. We moesten ons inspannen om in contact met hen te
treden, hun vertrouwen te winnen en alle informatie over het
onderduiknetwerk te weten te komen. We zoek toen met onze fietsen in
de trein naar Venlo gereisd en vandaar naar Helden Panningen." Boere en
zijn companen deden zich voor als vluchtelingen die een schuiladres
zochten. "Wij kregen bij twee boeren een onderduikadres, maar vertelden
hen dat we binnen 1 of 2 dagen terug zouden komen omdat we nog wat
spullen moesten ophalen. Toen we genoeg informatie verzameld hadden
zijn we teruggegaan naar Maastricht en hebben onze bevindingen
gerapporteerd aan Ströbel."
Bij de daaropvolgende razzia op 17 mei 1944, waaraan ook Boere
meedeed, werden in Helden en omgeving bij elkaar 52 mensen opgepakt.
Minstens 7 van hen stierven in Duitse of Nederlandse
concentratiekampen.
De nieuwe bewijslast van de mede-aanklagers laten een beeld zien van
Heinrich Boere, die als overtuigde nationaal-socialist zelfstandig en met
eigenzinnige doortastendheid zijn handelingen uitvoert. Ook de promotie
tot teamleider in juli 1944, die volgens onderzoek van de mede-
aanklagers samenhing met de moord op Bicknese, weerleggen het door
Boere zelf geschetste beeld als zou hij een eenvoudige `ontvanger van
bevelen´, een kleine soldaat, zijn geweest.
De advocaten van de mede-aanklagers Hartman & Heiermann, geven de
dimensie aan van de diepe ideologische verstrengeling van Heinrich
Boere in het nationaal-socialistische einddoel: "..gegroeide en ontstane
sociale en religieuze netwerken te vernietigen, om de macht te verwerven
over de door terreur geïsoleerde mensen, het goede in mensen uit hen te
verwijderen, hen de mogelijkheid tot gevoel, empathie en solidariteit te
ontnemen en mensen tot homogeen en kneedbaar materiaal voor de
nationaalsocialistische inrichting van Groot-Europa te maken, nederige
instincten aan te leren en hen de collaboratie in te trekken.."
Het gaat om de waarde van dit alles in historische context. De huidige
roep om gerechtigheid beantwoordt aan de vele verzetshandelingen, die
zich ondanks de terreur, executies en deportaties, niet lieten verhinderen.
"Het verzet werd sterker en toonde haar waarde tegen de terreur. Op het
platteland van Limburg leverde bijna elke familie wel een bijdrage aan de
hulpnetwerken."
En, zo gingen Hartman en Heiermann, verder: "Zij zijn het, en niet de
juridische opbouw van al die jaren door justitie van aanklachten die niet
vervolgbaar bleken en hun blinde vlek voor de schrijftafeldaders van de
Duitse elite. Het weefsel van de hulpnetwerken is niet vernietigd
geworden, het doel van de nazi´s is niet bereikt. De herinnering aan het
verzet leeft nog steeds en werkt door. Zij zijn het ook die de roep om
gerechtigheid ook vandaag de dag nog haar eigen antwoord geeft."
De openbaar aanklager Andreas Brendel, nam slechts kort kennis van het
nieuwe bewijsmateriaal, hij sloot zich niet bij de mede-aanklagers aan.
Volgens hem is het niet relevant voor het verloop van het proces dat
Boere een overtuigde nazi-moordenaar was. En dat het eigenlijk de taak
van het openbaar ministerie is om de levensloop en de ideologie van de
verdachte te onderzoeken, liet hij onbeantwoord.
(Overigens hebben nabestaanden van de slachtoffers uit Panningen op 28
januari aangifte gedaan van moord bij het openbaar ministerie in
Dortmund.)
Volgende procesdag is donderdag 4 februari.
|
|